INERTA 165 GF
Voorbereiding van het oppervlak
Verwijder van de oppervlakken alle verontreinigingen die nadelig kunnen zijn voor de voorbereiding van het oppervlak en het aanbrengen. Verwijder ook in water oplosbare zouten met behulp van geschikte methoden. De oppervlakken worden als volgt voorbereid volgens de verschillende materialen:
STALEN OPPERVLAKKEN: Verwijder walshuid en roest door te stralen volgens voorbereidingsgraad Sa 2½ (norm ISO 8501-1). Het opruwen van het oppervlak van dunne plaat verbetert de hechting van de verf aan de ondergrond.
OUDE GEVERFDE OPPERVLAKKEN GESCHIKT MAKEN VOOR OVERCOATING: Alle onzuiverheden die schadelijk kunnen zijn voor het aanbrengen van verf (bijv. vet en zouten) worden verwijderd. De oppervlakken moeten droog en schoon zijn. Oude, geverfde oppervlakken die maximale overschildertijd hebben overschreden, moeten ook worden opgeruwd. Beschadigde onderdelen worden voorbereid in overeenstemming met de eisen van de ondergrond en de onderhoudscoating.
Plaats en tijdstip van de voorbereiding moeten zo worden gekozen dat het voorbereide oppervlak voor de volgende behandeling niet vuil of vochtig wordt.
Aanvullende instructieve informatie voor de voorbereiding van het oppervlak vindt u in de normen EN ISO 12944-4 en ISO 8501-2.
Prefab primer:
Applicatie
MENGEN VAN DE COMPONENTEN: Houd rekening met de houdbaarheid van het mengsel wanneer u de hoeveelheid die per keer gemengd moet worden schat. Voor het aanbrengen worden de basis en de verharder in de juiste verhouding gemengd. Roer grondig tot op de bodem van het vat. Machinaal mengen wordt aanbevolen, bijvoorbeeld met een langzaam draaiende boormachine uitgerust met een mixer. Onvoldoende roeren of verkeerde mengverhouding resulteert in onvolmaakte uitharding en verminderde laageigenschappen.
Geschikte nozzel voor airless spuiten (draai-nozzle)
Voor het bijwerken kan een kwast of roller worden gebruikt. Aanwijzingen van de fabrikant van de spuit met dubbele toevoer moeten tijdens het werken worden opgevolgd.
Applicatie voorwaarden
Het te schilderen oppervlak moet droog zijn. Tijdens het aanbrengen en drogen moeten de temperatuur van de omgevingslucht, het oppervlak en de verf hoger zijn dan +5 °C en de relatieve luchtvochtigheid lager dan 80%. De temperatuur van het te behandelen oppervlak minimaal +3 °C boven het dauwpunt van de omgevingslucht zijn
Opslagruimte
De houdbaarheid bij opslag staat vermeld op het etiket. Op een koele plaats en in goed gesloten containers bewaren.
| Vaste stof gehalte | circa 92 % in volume |
|---|---|
| Totale massa van vaste stoffen | circa 1210 g/l |
| Vluchtige organische stoffen (VOS) | circa 75 g/l |
| Verwerkingstijd | 30 min. (+23 °C) |
| Mengverhouding | 2:1 in volume (comp. A : comp. B) |
| Verharder | Comp. B: INERTA 165-02 HARDENER |
| Glans | Glanzend |
| Praktisch rendement | De waarden zijn afhankelijk van de aanbrengtechniek, de gesteldheid van het oppervlak, overspray, enz. |
| Verdunner | TEKNOSOLV 9514 |
| Reinigen | TEKNOSOLV 9506 of TEKNOSOLV 9514. |
| Kleuren | Andere kleuren op afspraak. |
| Veiligheidsmarkeringen | Zie het veiligheidsinformatieblad (SDS). |
| Goedkeuringen & certificaten | NORSOK M-501 |